Blog
Microplastics vermijden? Dat doe je zo!
Microplastics vermijden is nog niet zo simpel als het klinkt. Ze zijn namelijk overal, ook in onze leefomgeving. Maar natuurlijk zijn er ook een hoop dingen die je wél kunt doen! Wij helpen je graag op weg en delen onze beste tips. 1. Download de Beat the Microbead appMicroplasticvrije verzorging? Geen probleem. Je kunt natuurlijk alle microplastics uit je hoofd leren en in de winkel eerst de ingrediënten bekijken voordat je een product in je winkelmandje gooit, maar dat is helemaal nergens voor nodig. Met de Beat the Microbead app van Plastic Soup Foundation kun je al je favorieten namelijk makkelijk scannen. Zo zie je gelijk wat er in zit en of het product microplasticvrij is. Enne.. ben je op zoek naar een vervangend product? Dan kun je terecht bij WELEDA, Marcel’s Green Soap, Witlof Skincare, Smyle, The Lekker Company en natuurlijk bij ons! Of bij één van de 160 andere zero plastic merken! 2. Herbruikbare drinkflessenIn een PET-fles zitten enorm veel microplastics. Een goede manier om ze te vermijden is dus door te investeren in een herbruikbare drinkfles van goede kwaliteit. Je bespaart er ook nog eens heel veel plastic mee! Gewoon zelf even vullen onder de kraan, makkelijker kan eigenlijk niet. 3. Kleding zonder microplasticsFan van fast fashion? Wil je microplastics vermijden, kun je beter investeren in kleding van goede stoffen en kwaliteit. Wegwerpkleding die na een paar keer dragen al kapot gaat is misschien leuk voor je Instagram, maar bij deze (vaak synthetische) stoffen komen er tijdens het slijten behoorlijk wat microplastics vrij. En die adem je dus zo weer in. Kies dus voor natuurlijke materialen zoals katoen, bamboe en linnen. 4. Navullen maar!Ook in de supermarkt kun je bepaalde keuzes maken om microplastics te vermijden. Probeer plastic verpakkingen zoveel mogelijk te ontwijken. Geen groente en fruit in een plastic jasje dus. Er zijn ook supermarkten waarbij je eigen verpakkingen kunt navullen. Geen plastic, maar glazen potjes die ook nog eens leuk in je keukenkastjes staan. 5. Keuken Over de keuken gesproken. Ook hier kun je wat kleine aanpassingen doen. Wist je dat afwassponsjes enorm slijten en er dus kleine stukjes plastic vrijkomen? Niet wat je wil op je schone borden en bestek. Kies dus voor borstels van bijvoorbeeld bamboe, lekker duurzaam! En ook je plastic snijplanken wil je misschien vervangen voor een variant van bamboe. Je snijdt namelijk niet alleen je groenten, maar ook stukjes plastic die daar dan in terecht komen. Niet zo duurzaam om je goede snijplanken zomaar weg te gooien, maar ook daar hebben we iets op bedacht. Gebruik je oude snijplank gewoon als onderlegger tijdens het knutselen. Perfect voor het spelen met klei of kinetisch zand! Soms voelt het misschien alsof je niet zo veel kunt doen, maar als consument heb je super veel invloed. Jouw keuzes bepalen de toekomstplannen van de industrie. Dus als er behoefte is aan microplasticvrije producten, zullen steeds meer bedrijven de omschakeling maken!
Kom meer te wetenIn gesprek met Plastic Soup Foundation: de zorgwekkende gevaren van microplastics
In 2011 werd Plastic Soup Foundation opgericht door Maria Westerbos. Sindsdien heeft de stichting zich ingezet voor meer bewustzijn rondom plastic, hebben ze het plastic probleem op de agenda’s van politici gekregen en hebben ze een flinke bijdrage geleverd aan het verminderen van de plastic soep. Maar we zijn er nog lang niet, vertelt Jeroen Dagevos, Head of Programs bij Plastic Soup Foundation. “Het probleem is lange tijd onderschat en blijkt veel erger te zijn dan iedereen dacht”. Wij gingen in gesprek, want hoe zit het met microplastics, en waarom zijn ze zo gevaarlijk? En wat zijn de verwachtingen voor de toekomst, kunnen we het plastic probleem oplossen? Toen Maria Westerbos in 2011 voor een tv programma onderzoek moest doen naar problemen die (nog) niet op te lossen zijn, hoorde ze voor het eerst over de plastic soep. Totaal onbekend met het onderwerp raakte ze in gesprek met Charles Moore, de ontdekker van de plastic soep. Hij gaf aan dat Europa dé plek is om een stichting op te richten met als doel het verminderen van dit probleem. In Europa kan er wereldwijd verschil gemaakt worden. En zo ontstond Plastic Soup Foundation. In 2012 lanceerde de stichting haar eerste campagne: Beat The Microbead. Een campagne speciaal gericht op microplastics. Want die oceaan en dat plastic, ja dat is heel erg, maar voor de meeste mensen is het ook ver weg. Daarom moest er aandacht komen voor de problemen die directe invloed hebben op iedereen en die vervuiling opeens wel heel dichtbij brengen. Plastic in cosmetica dus, dat is hoe het grote publiek Plastic Soup Foundation leerde kennen. Bij de start van de campagne lag de focus op tandpasta, het zit in je mond, dus dichterbij komt het niet. En de verandering was recent, want microplastics, die zaten er zeker niet altijd in. “Thuis had ik twee tubes tandpasta van hetzelfde merk staan, waarbij de ene tube zout bevatte en de andere polyethyleen. Het was dus een heel recentelijke toevoeging”, zegt Jeroen. En dat schudde andere mensen ook behoorlijk wakker, want ze realiseerden zich opeens dat het wel heel vreemd is dat er plastic wordt toegevoegd aan iets wat je in je mond stopt. Daaruit is ook een app gekomen, die het voor de consument makkelijker maakt om microplastics in cosmetica te herkennen. “De app wordt echt als referentie gebruikt en is daarmee ontzettend succesvol. Unilever was een van de eerste grote namen die hierdoor ook de scrubdeeltjes uit hun producten haalden. En ook als we een klacht binnenkrijgen, dan komt het vaak omdat uit de app blijkt dat er microplastics in een product zitten. Daar is de producent natuurlijk niet altijd blij mee, maar ja het zit er wel in, dus doe er iets aan.” Microplastics en regelgevingDe toevoeging van microplastics is dus heel recent. Bizar, maar wettelijk gezien mocht het ook gewoon. Waarom er opeens microplastics werden toegevoegd aan cosmetica? Een korreltje van plastic is veel goedkoper dan een korreltje van zout of zand wat schoongemaakt moet worden. En daarnaast kun je dat stukje plastic ook nog allemaal leuke kleuren en vormen geven. Innovatie en kostenbesparing was dus de grootste reden achter de verandering. Er is veel geld gestoken in de ontwikkeling van microplastics, maar iets meer dan 10 jaar later, in 2023, kwam er al een verbod. Al hebben bedrijven nog wel even de tijd om het uit te faseren en zijn er nog een hoop microplastics die niet in het verbod zijn meegenomen. Een mooie stap in de goede richting is het in ieder geval wel! “In Europa hebben we inmiddels een goed systeem op het gebied van chemicaliën: REACH. Een product wordt pas op de markt gebracht, nadat er een aantal vragen gesteld zijn. Denk hierbij aan: is het afbreekbaar, is het giftig, zijn er alternatieven? Vroeger was dit wel anders. Toen werden producten op de markt gebracht en werd er pas achteraf gekeken of er schade was. Daarom duurde het soms wel 30 jaar tot een bepaalde stof verboden werd.” We zijn dus ver gekomen, maar helaas werden polymeren uitgezonderd van de lijst van ‘gevaarlijke stoffen’ omdat ze stabiel zijn. Plastic was ook totaal geen probleem twintig jaar geleden, of tenminste, werd nog niet als een probleem gezien. Daardoor was de regelgeving ook niet streng. Inmiddels is er dus een verbod op microplastics, maar ook hierbij gelden uitzonderingen, vertelt Jeroen. “Het verbod op microplastics geldt alleen op vaste deeltjes, een gekke uitzondering op de regels als je het mij vraagt. Alle vloeibare polymeren zijn hierdoor namelijk niet verboden, omdat ze niet als microplastics worden gekwalificeerd. Toch zitten hier ook een hoop slechte ingrediënten tussen, bijvoorbeeld Polyvinyl Alcohol. Dit stofje is vloeibaar in de tube, maar het laat een plastic laagje achter op de huid. Het wordt dus niet gezien als microplastic, maar het is toch echt plastic en heeft een groot effect op de huid.” Niet zonder gevaarOver de effecten van microplastics wordt steeds meer bekend. Zo zijn er inmiddels microplastics aangetroffen in de placenta’s van zwangere vrouwen, worden ze in verband gebracht met hartaanvallen en beroertes en zijn er ook microplastics aangetroffen in kankercellen. “Bij de Global Plastic Treaty (INC4) onderhandelingen in Ottawa in april hebben we samen met de Duitse arts Lukas Kenner een onderzoek gepresenteerd over de relatie tussen nanoplastics en de groei en verspreiding van kanker die hij heeft ontdekt. Hij maakt zich hier echt zorgen over en ziet dingen die hij niet had verwacht. Zijn grootste zorgen komen voort uit het feit dat de hoeveelheid micro- en nanoplastics in onze leefomgeving en ons lichaam alleen maar gaat toenemen, omdat we steeds meer plastic gebruiken.” De effecten van deze mini stukjes plastic zijn dus behoorlijk groot. “Het punt is: plastic breekt niet zomaar af, het wordt alleen steeds kleiner. Dit geldt voor alle plastic. Door slijtage, zoals ook bij kleding het geval is, komen er microplastics vrij. Die eet en drink je op of adem je gewoon in en zo komen ze in ons lichaam terecht.” Op dit moment wordt er jaarlijks bijna 500 miljoen ton plastic geproduceerd. Het is de verwachting dat dit de komende 20 jaar sowieso nog verdubbelt, maar misschien zelfs drie keer zo veel wordt. En dat is zorgwekkend. Niet alles is slecht, vertelt Jeroen, het gaat vooral om toepassingen die gebruikt worden voor eenmalig verpakkingsmateriaal, zoals plastic flesjes en kleding die na drie keer dragen al stuk is. “We moeten iets gaan doen aan de wegwerpcultuur. Daarmee pak je niet alleen microplastics aan, maar worden ook een hoop grondstoffen bespaard.” Beleid veranderenEen kleine organisatie tegen een grote industrie, dat is Plastic Soup Foundation. Al kostte het aan het begin wat moeite om het probleem op de agenda van de politiek te krijgen, is de stichting precies op het goede moment begonnen met gesprek over de plastic soep. Het probleem werd namelijk door een aantal politieke partijleden al aangekaart tijdens hun maiden speeches. “Het probleem rondom plastic groeide in korte tijd uit van non issue naar heel belangrijk. Door open communicatie naar de consument ging het ook bij hen steeds meer spelen. En door het zo persoonlijk te maken (microplastics in cosmetica) kwam het nog beter binnen. We hebben gaten in de wetgeving aan het licht gebracht en konden argumenten van bedrijven makkelijk weerleggen door onze eigen onderzoeken. En zo werden we steeds beter ontvangen en kwam er langzaam verandering tot stand.” Maar het blijft lastig. “Beleidsmakers willen niet zomaar de hele cosmeticaindustrie om zeep helpen, er staan veel banen op het spel. Lobbyisten spelen goed in op deze onzekerheid. Maar door zero plastic merken, en dat zijn er inmiddels al 160, kunnen wij aantonen dat er ook gewoon shampoo gemaakt kan worden zónder microplastics. Natuurlijk kun je een systeem niet zomaar veranderen en is er tijd nodig om een nieuw systeem te bouwen, maar gelukkig zijn er steeds meer nieuwe bedrijven die het gewoon gelijk goed doen.” Nu steeds duidelijker wordt dat microplastics in onze organen zitten en in ons bloed, en dat het daar ook negatieve effecten heeft, wordt het steeds belangrijker om het probleem op te lossen. En gelukkig zijn er steeds meer bedrijven die dit ook inzien en bezig zijn met systeemverandering. Een probleem zonder oplossingGelukkig worden er dus goede stappen gezet. Er komt strenger beleid en steeds meer bedrijven zetten zich in voor verandering in de industrie. Maar voor de consument blijft het op dit moment moeilijk. Microplastics zitten verstopt achter moeilijke woorden op de ingrediëntenlijst en er is nog lang geen volledige transparantie over. En ook in de supermarkt kun je er bijna niet omheen: plastic is overal. “Je ziet wel dat er inmiddels beweging in zit, hoe langzaam het ook gaat. Groente en fruit zijn steeds minder vaak verpakt in plastic. Ik denk echt dat de supermarkt er over 10 jaar heel anders uit zal zien.” Maar nog steeds komen er berichten naar buiten waar zelfs Jeroen zich over verbaast. “Dat er gemiddeld 240 duizend nanoplastics in een literfles water zit, ja dan besef je je wel dat het probleem zoveel erger is dan verwacht.” Verandering ligt dus bij bedrijven, maar als consument kun je weinig doen, behalve dus de bewuste keuze maken voor merken die microplasticvrij zijn. Uit een enquête van het WNF bleek dat 80% van de consumenten een alternatief wíl. En dat helpt! Als mensen verandering willen, zullen bedrijven vanzelf mee moeten. Kun jij wel wat hulp gebruiken bij het vermijden van microplastics? Download dan de Beat The Microbead app van Plastic Soup Foundation. Hiermee kun je al je cosmetica scannen en weet je gelijk wat erin zit. Wel zo transparant!
Kom meer te wetenJullie meest gestelde vragen over de Consumentenbond en TestAankoop
Het is je vast niet ontgaan. Deze week deelden wij dat onze SPF 30 van vorig jaar beter uit de test is gekomen dan de Consumentenbond en TestAankoop beweren. We hebben de zonnebrand, na de uitslag, nog twee keer onafhankelijk laten testen. En wat denk je? Ja natuurlijk, geslaagd! Nou, daar kwamen behoorlijk wat reacties op met een hoop support en vergelijkbare verhalen, maar ook met een aantal (terecht) kritische vragen. Die hebben we even op een rij gezet, wel zo transparant! Waarom doen jullie dit (publiekelijk)?Om eerlijk te zijn zouden wij zelf het liefst ook niet publiekelijk naar buiten zijn getreden met dit verhaal. Wat we namelijk écht willen is gewoon een open gesprek waarin we met de Consumentenbond om de tafel gaan, het rapport kunnen inzien en zo resultaten kunnen vergelijken en samen op zoek gaan naar een verklaring voor de afwijkingen. En daarnaast willen we ook graag met ze in gesprek over hun huidige testmethoden, en samen met experts op het gebied van testen en minerale zonnebrand kijken of we tot een eerlijke manier van testen kunnen komen, omdat de huidige testen niet zijn gevalideerd voor minerale zonnebrand en we daarmee al gelijk achter staan. Maar helaas liep het anders. Sinds de testresultaten begin mei 2023 met ons gedeeld werden (alleen de uitslag dus, niet het volledige rapport) hebben we keer op keer geprobeerd het gesprek aan te gaan met de Consumentenbond, maar een uitwisseling van informatie werd het niet; de rapporten hebben we ook nooit ontvangen helaas. We kwamen niet echt verder. En dus besloten we ons publiekelijk uit te spreken. Waarom? Nou, eigenlijk is het heel simpel: we zijn enorme fans van zonnebrand, vooral van de minerale variant. Vertrouwen in zonnebrand is heel belangrijk, maar door dit soort onderzoeken komt zonnebrand helaas onterecht in een negatief daglicht te staan, en dat vinden we, zacht uitgedrukt, behoorlijk frustrerend! En minerale zonnebrand staat bij de Consumentenbond, door de gebruikte testmethode, al achter nog voordat de echte test wordt uitgevoerd.Het gaat verder dan ons merk, en dus stappen we uit onze comfortzone in de hoop dat we deze keer gehoord worden. Misschien kunnen we eindelijk samen om de tafel gaan zitten, de rapporten inzien, praten met experts, en voorkomen dat dit soort misinformatie zich in de toekomst herhaalt.En ja, dat is een beetje spannend, maar hé, soms moet je de grenzen opzoeken, toch? Dus, daar gaan we.Wat is wat jullie betreft het echte probleem?In het kort: de Consumentenbond deelt hun rapporten niet, maar maakt wel grote uitspraken op basis daarvan. Ze staan er niet voor open om samen met ons en andere experts kritisch naar de rapporten te kijken om te begrijpen waar die verschillende resultaten door komen. En dat bij zo'n belangrijk onderwerp als zonnebrand.Want het belang van zonnebrand, vooral voor de gezondheid van mensen en vooral kinderen, is onbetwistbaar wat ons betreft. Het verspreiden van negatieve informatie hierover is niet te vergelijken met kritiek op bijvoorbeeld een wasmachine. Als sterke claims worden gemaakt, moeten ze goed worden onderbouwd. Voor ons is het duidelijk: overtuigende bronnen, zoals degelijke rapporten die door anderen kunnen worden geraadpleegd, zijn noodzakelijk.Wat we niet begrijpen, is waarom er geen ruimte was voor open discussie over de resultaten en gezamenlijk onderzoek naar de redenen achter de uiteenlopende uitkomsten van de tests. Vooral omdat er drie onafhankelijke tests waren, waarvan één zelfs van de NVWA, de toezichthouder waaraan de Consumentenbond ons heeft 'gemeld'. In dit soort gevallen zou een organisatie altijd moeten twijfelen en onderzoeken, in dialoog gaan, vooral bij complexe kwesties zoals SPF-tests, in plaats van vast te houden aan hun eigen bevindingen. Twijfel vormt immers de basis van kritisch denken en wetenschap.Door samen te werken en kennis te delen, kunnen we een nog niet perfect proces verbeteren, want de hele branche is het erover eens: geen enkele SPF-methode is foutloos. Helaas lijkt de Consumentenbond vooralsnog niet open te staan voor dit gesprek of het delen van hun rapport, en dat vinden we jammer!Het gaat hier toch om een meningsverschil over testmethoden, wat kunnen de Consumentenbond en TestAankoop volgens jullie dan doen?De eerste test die de Consumentenbond doet, volgens de HDRS-methode, is eigenlijk niet geschikt voor minerale zonnebrand. We kregen in eerste instantie alleen de resultaten van die test terug.Dat de HDRS-methode voor afwijkingen kan zorgen bij minerale zonnebrand is geen meningsverschil tussen de Consumentenbond en ons. Vooraanstaande instanties en experts, zoals de voorzitter van het ISO-comité (die SPF-testmethoden voor de Europese Commissie onderzoekt) en de Nederlandse Cosmetica Vereniging (NCV), hebben de beperkingen van de HDRS-methode al vaker benadrukt, vooral voor minerale zonnebrand. Deze methode is niet gevalideerd voor het testen van minerale zonnebrand. Toch heeft de Consumentenbond aangegeven om dit jaar opnieuw de HDRS-methode te gebruiken. Door deze niet gevalideerde methode te (blijven) gebruiken, staat minerale zonnebrand per definitie al 1-0 achter omdat de kans op afwijkingen groter is voor dit type zonbescherming. De in-vivo methode moet altijd leidend zijn en is ook streng gereguleerd. Dat betekent dat er strenge regels en protocollen zijn voor het uitvoeren van deze tests. Hierdoor kunnen de omstandigheden makkelijk nagebootst worden in het geval van grote afwijkingen. De in-vitro methode, daarentegen, heeft in elk lab wel dezelfde basis, maar wordt daarna helemaal aangepast aan de apparatuur en omstandigheden van dat lab.Heeft de Consumentenbond dan niet in-vivo getest?Nadat we de HDRS-resultaten hadden ontvangen, hebben we aangegeven dat deze methode vaak grote afwijkingen laat zien bij minerale zonnebrand. Een paar dagen later kregen we ook de in-vivo uitslag binnen via de mail, die waren volgens de Consumentenbond net binnengekomen.. (Let op; we kregen de uitslag zoals je die hieronder ziet, in een excel bestand, en dus niet de data of rapporten)Bij SPF-tests is het gebruikelijk dat er eerst een in-vitro methode wordt gebruikt (meestal alleen wel een gevalideerde). Een in-vitro test is namelijk bedoeld als voorspelling, zodat je daarna veilig kunt testen op echte mensen. Het is goedkoper en sneller dan in-vivo tests, want die zijn prijzig en duren enkele weken. Je wil dus eerst weten of een product ook echt goed genoeg is, voordat je overstapt op zo’n dure methode. De HDRS-methode wordt nu onderzocht als vervanging van in-vivo tests, maar zo ver is het nog lang niet, want de methode is nog lang niet altijd betrouwbaar voor alle soorten zonnebrand en is daardoor dus ook nog niet gevalideerd voor minerale zonnebrand.Door de HDRS-methode te gebruiken als voorspelling, staat minerale zonnebrand bij de Consumentenbond eigenlijk meteen al achter op traditionele zonnebrand. Omdat deze testmethode niet gevalideerd is en vaak afwijkingen veroorzaakt bij minerale zonnebrand, is de kans dus vrij groot dat er ook nog een in-vivo test gedaan moet worden omdat de zonnebrand niet goed uit de HDRS-test komt. Hierdoor is de kans op het niet doorstaan van de test in het algemeen ook groter.Hoe zit dat dan? Want als ze vervolgens in-vivo hebben getest, is dat toch genoeg?Experts en mensen uit de industrie weten dat SPF-tests, inclusief de in-vivo methode, behoorlijk ingewikkeld zijn. In een brief aan de Consumentenbond in 2020 stelde de Nederlandse Cosmetica Vereniging: "De huidige methode is goed, maar niet perfect." Ze benadrukten dat er aanzienlijke variatie kan zijn in resultaten vanwege de complexiteit van de menselijke huid, verschillende huidtypes en het aanbrengen van anti-zonnebrandcrème.Daarnaast zijn er drie succesvolle onafhankelijke testresultaten, waaronder één van de NVWA, tegenover één negatief resultaat, die van de Consumentenbond. En dat is wel opvallend natuurlijk. Als een testmethode niet perfect is, en er zijn meerdere tests uitgevoerd waarvan één resultaat anders is dan de rest, dan kun je er vanuit gaan dat die drie andere resultaten dichter bij de waarheid zitten. De kans is dan groter dat de uitslag van die ene test niet klopt, en niet de uitslag van de andere drie testen. Wat ons dan ook verbaast, is de stelligheid van de Consumentenbond over de juistheid van hun resultaten, terwijl er zulke grote verschillen zijn tussen de testresultaten.. Experts zijn het erover eens dat afwijkingen kunnen optreden, zelfs met de beste bedoelingen. En daarom zullen wij ook altijd twijfelen als iemand kritisch is op ons onderzoek. Dat is ook de reden dat we, toen we de resultaten van de Consumentenbond kregen, alles goed gecontroleerd hebben, alle experts om advies hebben gevraagd en ons product opnieuw uitvoerig hebben getest. We nemen liever het zekere voor het onzekere. Gelukkig met succes.We hadden eigenlijk wel verwacht dat een organisatie die opkomt voor de belangen van consumenten en zulke krachtige uitspraken doet, zoals 'afrader', minstens even nauwkeurig zou zijn. Waarom is het belangrijk om de rapporten te delen en wat voegt dit toe? Het lijkt ons meer dan logisch dat als je iets zegt, je ook laat zien waar dat op is gebaseerd. Om die reden delen wij ook al onze testresultaten. Wij geloven in transparantie. Helemaal bij onderzoek: hierbij moet je kunnen laten zien hoe je tot een bepaalde conclusie bent gekomen. Tot nu toe hebben we alleen inzicht gekregen in de uiteindelijk gemeten SPF-score en de gebruikte methoden. SPF-tests, vooral de in-vivo methode volgens de ISO24444:2019 standaard, zijn bekend als complex, waarbij de resultaten mogelijk kunnen afwijken.. Daarom is het delen van testresultaten van groot belang. Dit stelt ons in staat om eventuele afwijkingen te onderzoeken en te verklaren.Wil je meer weten over waarom het zo belangrijk is om rapporten te delen? We schreven hier een blog over om het in details uit te leggen.De Consumentenbond zegt dat er wel contact is geweest tussen jullie? Hoe zit het nou precies? Voor ons is er echt een groot verschil tussen contact hebben en echt in gesprek gaan. Dat laatste is wat we eigenlijk wilden. Sinds begin mei 2023, toen de resultaten met ons en de rest van de wereld werden gedeeld, hebben we flink wat tijd en moeite gestoken in het opbouwen van dat contact. Maar eerlijk gezegd is er nooit echt een diepgaand gesprek geweest. Al ons contact hebben we netjes bijgehouden in onze tijdlijn, omdat we best trots zijn op de moeite die we hebben gedaan! Het klopt, in februari 2024 werden Jochem en Sjoerd eindelijk uitgenodigd voor een kennismakingsgesprek op het kantoor van de Consumentenbond. Maar zelfs daar zijn we niet veel verder gekomen.Vanaf het allereerste begin heeft de Consumentenbond vastgehouden aan hetzelfde standpunt: ze zijn overtuigd van hun resultaten, willen het rapport niet delen en vinden een diepgaand gesprek hierover niet echt nodig. Dit staat zelfs letterlijk in een e-mail die CEO Sandra Molenaar op haar LinkedIn-profiel heeft gedeeld, maar helaas weer heeft verwijderd. Het lijkt erop dat hun conclusies al vanaf het begin vaststonden. Hoewel ze beweren hun testresultaten te hebben gedeeld, hebben ze ons alleen een e-mail gestuurd met de uiteindelijke uitslag, niet het hele rapport. Zoals eerder uitgelegd, is dat niet genoeg om uit te zoeken hoe onze resultaten zo van elkaar kunnen verschillen.Een gesprek betekent voor ons een echte uitwisseling van informatie, het stellen van vragen en samen streven naar begrip en een oplossing. Dus ja, er is contact geweest, maar er heeft geen echt gesprek plaatsgevonden, en daar lopen we vast. Het is super belangrijk om te benadrukken dat we nog steeds open staan voor een goed gesprek!
Kom meer te wetenWaarom het delen van informatie en onderzoeksrapporten zo belangrijk is
Wij kunnen ons bijna niet voorstellen dat je het niet hebt gezien, want het was overal. Maar voor het geval je het toch gemist hebt: deze week hebben wij gedeeld dat onze SPF 30 van vorig jaar toch beter uit de test kwam dan de Consumentenbond en TestAankoop hebben beweerd in hun zonnebrandtest. Na drie onafhankelijke testen die bevestigen wat wij allang wisten (onze zonnebrand doet wat ‘ie belooft!) en na maanden waarin wij met de Consumentenbond in gesprek probeerden te gaan, hebben we uiteindelijk besloten om ons goede nieuws te delen. En daarbij vroegen we de Consumentenbond ook om hun testrapport met ons te delen. Waarom dat nou zo belangrijk is, dat lees je hier. Het lijkt ons meer dan logisch dat als je iets zegt, je ook laat zien waar dat op is gebaseerd. Om die reden delen wij ook al onze testresultaten. Wij geloven in transparantie. Helemaal bij onderzoek: hierbij moet je kunnen laten zien hoe je tot een bepaalde conclusie bent gekomen. Tot nu toe hebben we alleen inzicht gekregen in de uiteindelijk gemeten SPF-score en de gebruikte methoden. SPF-tests, vooral de in-vivo methode volgens de ISO24444:2019 standaard, zijn bekend als complex, waarbij de resultaten mogelijk kunnen afwijken.. Daarom is het delen van testresultaten van groot belang. Dit stelt ons in staat om eventuele afwijkingen te onderzoeken en te verklaren.In een brief uit 2020 roept de Nederlandse Cosmetica Vereniging de Consumentenbond al op om hun testrapporten te delen: "Omdat fabrikanten aanzienlijke investeringen doen in het onderbouwen van hun SPF-claims, is het voor hen van groot belang om inzage te hebben in de resultaten van de test die door de Consumentenbond is uitgevoerd." De NCV vraagt dan ook om transparantie van de Consumentenbond richting de betrokken bedrijven.Waarom het niet genoeg is om te weten welke methode er is gebruikt voor het uitvoeren van de test? Dat is een behoorlijk technisch verhaal. Zoals de NCV aangeeft kunnen er dus afwijkingen zijn binnen de rapporten. Deze verschillen kunnen bijvoorbeeld ontstaan door verschillende formuleringen met verschillende fysisch-chemische eigenschappen: dichtheid, watergehalte, smeerbaarheid. Je moet daarnaast ook rekening houden met de spreiding van de resultaten: dus of er een of twee uitschieters bij zitten, of dat alle resultaten ook echt te laag zijn. Zoals we al zeiden dus, behoorlijk technisch. Maar dit is wel informatie die alleen in het rapport te vinden is, daarom is de uiteindelijk SPF-score alleen dus niet voldoende. Inzicht in het rapport geeft ons inzicht in eventuele afwijkingen bij onze tests, of die van de Consumentenbond. Het is belangrijk dat het laboratorium ook een referentiezonnebrand test, die hetzelfde is in alle laboratoria die in-vivo SPF-tests uitvoeren. Hiermee kunnen nieuwe formules vergeleken worden en kunnen laboratoria individueel ook testen of hun uitslagen kloppen. Dit in-vivo resultaat moet worden gedeeld samen met het resultaat van het monster als controlemeting.In onderzoeken is het gebruikelijk dat de methode en het protocol worden gedeeld voordat het resultaat ter sprake komt, maar bij de Consumentenbond ging het andersom. Zij deelden eerst de uitslag van de test, en lieten ons pas daarna (nadat wij hier vragen over stelden) weten hoe ze tot die conclusie waren gekomen En dat vonden ze ook genoeg informatie voor ons. Maar alleen de methode benoemen, ook al is die heel duidelijk zoals ISO24444:2019, is natuurlijk niet genoeg. In het rapport staan alle belangrijke stappen en keuzes die gemaakt zijn, en die zijn nodig om het onderzoek te kunnen nabootsen als je de resultaten wil controleren. Kleine verschillen in het protocol kunnen dankzij het rapport opgemerkt worden, waardoor afwijkingen opeens te verklaren of begrijpen zijn.Is het dan zo dat de Consumentenbond geen meerwaarde ziet in het vergelijken van rapporten?Dat lijkt ons sterk! Toen we op 19 maart de Consumentenbond en TestAankoop informeerden dat de NVWA ons product positief had getest, ontvingen we de volgende reactie van de organisaties:“Via vorige mail lieten jullie weten dat NVWA het product NAÏF Mineral Sunscreen SPF 30 met de ISO 24444 methode getest heeft en kennelijk tot de conclusie is gekomen dat het product wel de geclaimde bescherming biedt. Tot op heden is het rapport van de NVWA niet met ons gedeeld en kunnen wij deze niet beoordelen of daar enige conclusies aan verbinden. De NVWA heeft ook geen contact met ons opgenomen naar aanleiding van hun resultaten. Zijn jullie bereid de resultaten en/of rapporten met ons te delen? Zo kunnen wij de verschillende rapporten vergelijken en uitzoeken of er een duidelijk aanwijsbare reden is waarom de testresultaten dusdanig van elkaar verschillen.”In hun reactie laten ze dus duidelijk merken dat ze het rapport nodig hebben om de uitslag te kunnen beoordelen en vergelijken met hun eigen resultaten. Het lijkt er dus op dat de Consumentenbond hier wel het nut van inziet. Maar blijkbaar werkt het maar één kant op en verdienen wij niet dezelfde kans? Zonde, want we hebben hier al bijna 8 jaar expertise in en wie weet zien wij, en onze experts, net wat andere dingen. Rectificatie: In onze eerdere visuele uitingen werd mogelijk de indruk gewekt dat dit logo en deze boodschap door de NVWA wordt ondersteund of van de NVWA afkomstig is. Dit is niet het geval. Het gaat hier om de visie van Naïf ten opzichte van de behaalde testresultaten.
Kom meer te wetenHier is het: de uitslag van de NVWA over onze SPF30 (2023)
Nadat de Consumentenbond onze SPF30 zonnebrandcrème voor volwassenen als “afrader” en “slechtste uit de test” bestempelde vorig jaar, hebben we niet stilgezeten. Wij hebben namelijk altijd geloofd in onze zonnebrand. We hadden al een positief testresultaat, maar lieten onze zonnebrand voor de zekerheid nog een keer testen bij een onafhankelijk laboratorium. En ook de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft onze zonnebrand getest en nu willen we de resultaten graag met je delen! Van slechtste uit de test, naar beste getest. Want wij denken dat geen enkele andere zonnebrand drie keer onder de loep heeft gelegen! Eerder deelden we onze eigen testresultaten al, omdat wij geloven in transparantie. Nu hebben we ook de uitslag van de NVWA ontvangen en zoals je van ons gewend bent, delen we die graag met jou. Enne.. we kunnen je alvast verklappen dat de SPF ook in deze test ruim 30 scoort!Let op: het volledige rapport van de NVWA is nog niet binnen. Hieronder vind je de bevestiging van onze SPF-score die we via de e-mail hebben ontvangen. Zodra het hele rapport binnen is delen we die natuurlijk ook gewoon.Rectificatie: In onze eerdere visuele uitingen werd mogelijk de indruk gewekt dat dit logo en deze boodschap door de NVWA wordt ondersteund of van de NVWA afkomstig is. Dit is niet het geval. Het gaat hier om de visie van Naïf ten opzichte van de behaalde testresultaten.
Kom meer te wetenWat een jaar! Dit is wat er allemaal is gebeurd na de negatieve testresultaten van de Consumentenbond en TestAankoop
Zoals we al zeiden, hebben we het afgelopen jaar hard gewerkt om alles te dubbelchecken en uit te vinden waar de verschillen in testen door komen. We willen ervoor zorgen dat tests in de toekomst op de juiste manier worden uitgevoerd, niet alleen voor ons, maar voor alle zonnebrand. Omdat wij van transparantie houden, nemen we je graag mee in het proces. Rectificatie: In onze eerdere visuele uitingen werd mogelijk de indruk gewekt dat dit logo en deze boodschap door de NVWA wordt ondersteund of van de NVWA afkomstig is. Dit is niet het geval. Het gaat hier om de visie van Naïf ten opzichte van de behaalde testresultaten.
Kom meer te wetenOnze SPF30 zonnebrandcrème (2023) komt beter uit de test!
Dan de Consumentenbond en TestAankoop beweren!Bij Naïf geloven we in eerlijkheid en transparantie. Daarom vinden we het ook zo belangrijk om jou meer te vertellen over onze hoogtepunten, maar ook over onze uitdagingen. En het afgelopen jaar hadden we een behoorlijke uitdaging. De Consumentenbond (Nederland) en TestAankoop (België) testten vorig jaar onze SPF30 zonnebrandcrème voor volwassenen en concludeerden dat deze niet deed wat het beloofde. Met het volle vertrouwen in onze zonnebrand lieten we ‘m nog eens testen en ook de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) testte het product en wat denk je? Met succes! Weet je nog? Vorig jaar werd onze SPF30 zonnebrandcrème door de Consumentenbond en TestAankoop gelabeld als ‘afrader’. En in de tussentijd hebben wij niet stilgezeten. Wij waren nog steeds overtuigd van ons product, we hadden het zelf natuurlijk ook al lang laten testen. Toch lieten we het even dubbel checken, want we willen natuurlijk alleen het beste voor jou en je huid. Slecht getest?Wat er precies is gebeurd? We schrokken natuurlijk enorm van de uitslag van de Consumentenbond en TestAankoop, waarin zij claimen dat onze SPF30 voor volwassenen (2023) niet zo goed beschermt als beloofd. Wij waren namelijk overtuigd van de bescherming en waren niet bang om dat te bewijzen. Daarom lieten we de zonnebrand nog eens testen door het onafhankelijke laboratorium Helioscience (dat hadden we natuurlijk al eerder gedaan) én ook de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit nam ons product onder de loep. Drie onafhankelijke tests dus, en wat denk je? Ja hoor! Onze SPF30 doet gewoon wat ie belooft!De zonnebrand komt dus beter uit de test dan beweerd en is ook nog eens het best getest. Wij denken namelijk dat er geen andere producten in de markt zijn die zo vaak en grondig gecheckt zijn als onze SPF30. En wat heeft ‘ie goed gepresteerd hè! Behalve in de test van de Consumentenbond en TestAankoop dus*. *Let op: TestAankoop en de Consumentenbond werken samen. Er is dus maar één test uitgevoerd. Het gaat niet om losse testen van verschillende organisaties."Toen het nieuws kwam dat ons product volgens de Consumentenbond en TestAankoop niet aan de beloofde SPF voldeed, was dat een flinke klap in het gezicht," zegt onze oprichter Jochem Hes. "We hebben ons best gedaan om een product te maken dat op alle fronten veiliger is dan de rest. En dan zo'n oordeel, dat je reputatie en geloofwaardigheid in twijfel trekt. Het voelde als David tegen Goliath, en de media namen het zonder aarzeling over. Maar gelukkig heeft de NVWA ons product getest en bevestigd dat het wél aan de beloofde SPF voldoet."RectificatieDeze nieuwe bevindingen laten zien dat onze SPF 30 zonnebrandcrème voor volwassenen van vorig jaar dus wél te vertrouwen is. En wij vinden het belangrijk dat jij als consument goede informatie krijgt over de producten die je gebruikt, want dat verdien je! Daarom roepen we op tot rectificatie van de eerste testresultaten van de Consumentenbond en TestAankoop en willen we samen met ze om de tafel om onze testmethoden te vergelijken zodat we slechte testen en fouten in de toekomst kunnen voorkomen. Ongevalideerde testmethodeEr zijn een hoop voordelen aan minerale zonnebrand. Het is bijvoorbeeld vriendelijker voor de huid, biedt goede bescherming en is minder belastend voor de planeet. Maar minerale zonnebrand werkt wel anders dan traditionele zonnebrand en daarom moet het ook anders getest worden. Veel organisaties, zoals de Consumentenbond en TestAankoop, weten dit niet en gebruiken voor minerale zonnebrand dezelfde testmethoden als voor traditionele zonnebrand. Een voorbeeld hiervan zijn ongevalideerde in-vitro methoden zoals HDRS en double-plate. Deze testen worden niet uitgevoerd op mensen, maar er wordt gekeken naar de verschillende eigenschappen van een zonnebrand. Heel technisch dus. Uli Osterwalder, de voorzitter van het ISO Technisch Comité (zij onderzoeken testmethodes voor de Europese Commissie) benadrukt dat deze in vitro (lab) methode bij minerale zonnebrand voor afwijkende resultaten kan zorgen. Toch wordt er door verschillende organisaties, waaronder dus de Consumentenbond en TestAankoop, vastgehouden aan deze manieren van testen. Sterker nog, ze hebben aangegeven ook in de toekomst gebruik te zullen maken van deze methodes. Lees hier meer over het testen van zonnebrand.Op deze manier krijgt minerale zonnebrand natuurlijk geen kans om succesvol te zijn. Als minerale zonnebrand altijd slecht uit de test komt, zullen consumenten (onterecht!) het vertrouwen verliezen in de beschermingskracht. En we zien dit niet alleen in Nederland en België. Ook in de rest van Europa komt minerale zonnebrand onterecht slecht uit de test, terwijl we het gebruik juist zouden moeten aanmoedigen. Daarom is het dus zo belangrijk dat organisaties stoppen met het gebruiken van traditionele testmethoden en zij hulp vragen bij labs die gespecialiseerd zijn in minerale zonnebrand. Wij roepen op tot verandering, zodat jij als consument voortaan echt geholpen en geïnformeerd wordt over de voordelen van minerale zonnebrand.Verander de wereld, begin bij.. Goede testen!En nu? Wij staan klaar om te helpen en ervoor te zorgen dat er geen slechte tests meer worden uitgevoerd. Dus Consumentenbond en TestAankoop, jullie hebben onze e-mailadressen, telefoonnummers en ons adres. En voor de zekerheid hier nogmaals de vragen die jullie meermaals hebben gesteld (inclusief de antwoorden die wij keer op keer hebben gegeven). Laten we samenwerken om de industrie te verbeteren en consumenten te helpen de beste keuzes te maken.Rectificatie: In onze eerdere visuele uitingen werd mogelijk de indruk gewekt dat dit logo en deze boodschap door de NVWA wordt ondersteund of van de NVWA afkomstig is. Dit is niet het geval. Het gaat hier om de visie van Naïf ten opzichte van de behaalde testresultaten.
Kom meer te wetenHoe zit het met SPF testen? Wij zochten het voor je uit!
Als je aan zonnebrand denkt, dan denk je aan SPF. De beschermingsfactor is natuurlijk ook de belangrijkste reden om zonnebrand te gebruiken. Maar minerale zonnebrand werkt anders dan traditionele non-minerale zonnebrand, ook al hebben ze allebei een UV-filter en SPF-score. Daarom is het ook belangrijk dat het op een andere manier getest wordt. De SPF van traditionele zonnebrand wordt tegenwoordig vaak getest met (nieuwe) in-vitro methoden zoals HDRS en Double-Plate, maar deze testmethoden zijn niet gevalideerd voor minerale zonnebrand. En dat kan voor afwijkende resultaten zorgen. Daarom onderzochten wij, met behulp van experts, hoe minerale zonnebrand dan wél getest moet worden. Door afwijkende resultaten komt minerale zonnebrand vaak slecht uit de test van organisaties zoals de Consumentenbond en TestAankoop. Sterker nog, TestAankoop heeft zelfs gesteld dat: "veel zonnefilters met minerale filters niet voldoen aan wat er op hun verpakking staat". Hierdoor komt minerale zonnebrand onterecht in een negatief daglicht te staan. En daarover werden door minister Vandenbroucke ook Kamervragen gesteld in België. Uli Osterwalder, de voorzitter van het ISO Technisch Comité, weet alles over het testen van zonnebrand. Het ISO Technisch Comité onderzoekt namelijk testmethodes voor de Europese Commissie. Zijn conclusie: de huidige testmethoden zijn niet geschikt voor het testen van minerale zonnebrand. Hoe dat precies zit lees je hieronder Allereerst willen we natuurlijk weten: hoe wordt SPF getest?Er zijn verschillende manieren waarop de SPF van een zonnebrand getest kan worden: in-vitro en in-vivo. Bij in-vivo wordt de zonnebrand getest op de huid van echte mensen. Een deel van de huid wordt ingesmeerd met zonnebrand en er wordt gecontroleerde UV-straling op geprojecteerd om te kijken hoe de huid reageert. Er zijn strenge regels voor het uitvoeren van de in-vivo tests, zoals welke apparatuur gebruikt moet worden, hoeveel mensen getest moeten worden, wat voor huidtypes zij moeten hebben en zelfs hoe de zonnebrand aangebracht moet worden. Deze in-vivo methode wordt op dit moment als gouden standaard gezien en is dus leidend bij het testen van SPF.Lees hier meer over de strenge eisen van onze in-vivo testenOmdat er wordt getest op echte mensen, moet dit natuurlijk wel verantwoordelijk gebeuren. Je kunt niet zomaar alle zonnebrandformules in-vivo testen, zonder de effecten hiervan te kennen. Daarom wordt er vooraf een in-vitro test gedaan. Dit is een test in het lab, waarbij een in-vivo situatie wordt nagebootst. Zo kan er een SPF voorspeld worden, zonder echte mensenhuid dus. Er is een basismethode om deze in-vitro tests uit te voeren, maar omdat er zoveel verschillende materialen en apparatuur worden gebruikt, moet elk laboratorium de basismethode aanpassen aan hun eigen situatie. In het kort: in-vitro doet een voorspelling zodat de in-vivo test daarna op een verantwoorde manier uitgevoerd kan worden. Volgens de Europese regels heb je dan de in-vivo resultaten nodig om aan te tonen dat je zonnebrand dezelfde SPF heeft als de verpakking belooft.Testen op echte mensen is een ethisch dilemma, daarom wordt er hard gezocht naar een manier waarop in-vivo testen niet meer nodig is. Dit is natuurlijk goed nieuws, maar dan moet dit wel op de juiste manier gebeuren. Nieuwe methoden zoals HDRS (Hybrid Diffuse Reflectance Spectroscopy) en double-plate zijn ontwikkeld met het idee dat er dan uiteindelijk niet meer op echte huid getest hoeft te worden. Doordat ze nieuw zijn, wordt er nog veel onderzoek gedaan naar deze methodes. Bij HDRS worden in-vitro en in-vivo resultaten gecombineerd en bij de double-plate methode wordt er alleen in-vitro getest. Maar er is een probleem, want de SPF van de zonnebrand wordt gemeten op een plaatje (in-vitro) en hierbij wordt alleen de absorptie, niet de reflectie van het product meegenomen. En dat is precies hoe minerale zonnebrand dus wel werkt: door middel van reflectie. Welke verschillen zijn er tussen de manier waarop minerale en non-minerale zonnebrand getest wordt?Er zijn dus geen verschillen tussen hoe minerale en non-minerale zonnebrand worden getest, maar voor in-vitro geldt dat dit wel zou moeten. De Consumentenbond geeft aan dat zij de HDRS-methode gebruiken. Het probleem is dat deze testmethode nog niet is gevalideerd voor minerale zonnebrand en op dit moment nog vaak afwijkende resultaten laat zien. Daarom is het dus belangrijk dat deze testmethode ook wordt afgestemd op minerale zonnebrand. “De huidige in-vitro methoden zijn geen vervanging van in-vivo waarden voor zonnebrand met een hoge concentratie zinkoxide", zegt Uli Osterwalder hierover. Bij grote afwijkingen tussen diverse resultaten moeten de in-vivo testresultaten dus leidend zijn. Hierover zegt de Nederlandse Cosmetica Vereniging het volgende: “De methode gebruikt door de Consumentenbond is nog vrij nieuw, en laboranten zijn nog hard bezig om deze in-vitro methode eigen te maken. Naar verwachting zal deze methode pas in 2025 als formele ISO-standaard gepubliceerd worden. De ontwikkelaars van deze methode geven nu daarom ook nog duidelijk aan dat, in het geval van discrepanties in resultaten, de in-vivo methode de gouden standaard is en dat de door de Consumentenbond gebruikte methode als minder betrouwbaar moet worden gezien.”Er zijn wel laboratoria die gespecialiseerd zijn in het testen van minerale zonnebrand. Zoals het onafhankelijke lab Helioscience, dat we bij Naïf altijd inzetten om onze zonnebrand te testen. Ook zij voeren eerst in-vitro tests uit. Het verschil is alleen dat zij hun in-vitro resultaten hebben aangepast aan minerale UV-filters. Ze gebruiken deze resultaten als een manier om een voorspelling te doen van de in-vivo resultaten, zodat ze veilig over kunnen gaan op deze tests. Uiteindelijk zijn de in-vivo resultaten, van de tests die op de huid van echte mensen zijn uitgevoerd, leidend en bepalen zij de uiteindelijke SPF-waarde van het product. Wat is de reden dat in-vitro testresultaten bij minerale zonnebrand vaak afwijken?De precieze reden is nog niet duidelijk en zal dus goed onderzocht moeten worden. Een mogelijke reden van de afwijkingen in resultaten is, volgens Osterwalder, dat minerale UV-filters op basis van bijvoorbeeld zinkoxide een hoge dichtheid hebben in vergelijking met de actieve ingrediënten in non-minerale zonnebrandformules. Hoe hoger de dosis zinkoxide, hoe hoger het effect op de dichtheid van het product. Een beetje technisch, maar de gewichtsapplicatie van de zonnebrand die wordt gebruikt in de rekenformule is alleen ontwikkeld op basis van traditionele zonnebrand en dit komt dus niet overeen met het gewicht en de dichtheid van non-minerale zonnebrand, waardoor er dus afwijkingen kunnen ontstaan tussen de in-vitro en in-vivo resultaten.Kortom: voor het betrouwbaar testen van minerale zonnebrand moeten andere testmethodes gebruikt worden dan voor traditionele zonnebrand. Bij de huidige methoden zoals HDRS (een combinatie van in-vitro en in-vivo) en double-plate (in-vitro) wordt geen rekening gehouden met reflectie, alleen met absorptie. Terwijl minerale zonnebrand UV-straling juist weerkaatst. Minerale zonnebrand krijgt hierdoor helaas onterecht een slechte naam. Op dit moment zijn in-vivo testen leidend, deze zijn streng gereguleerd door de EU en geven een realistisch beeld van de échte SPF van een product, zonder afwijkingen. Dit geldt niet voor in-vitro tests, die per laboratorium verschillen en nog niet zijn gevalideerd voor minerale zonnebrand.
Kom meer te wetenMoet je een pasgeboren baby insmeren met zonnebrand?
Baby's en zonnebrand, hoe zit dat precies? Het korte antwoord is: een pasgeboren baby moet je zoveel mogelijk uit de zon houden. Is het écht niet mogelijk, dan kun je zonnebrandcrème gebruiken vanaf 3 maanden. Maar welke kies je? En op welke andere manier kun je je (pasgeboren) baby dan wel beschermen tegen schadelijke UV-straling? Alles wat je wil weten over baby’s en de zon lees je hier. Weren, kleren en smeren Het eerste jaar wil je een baby zoveel mogelijk uit de zon houden. Weren en kleren dus! Maar dat is natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan en ook in de schaduw is er UVA en UVB-straling. En dan kun je verbranden, zeker de gevoelige babyhuid. Bescherm je baby daarnaast dus ook nog met kleding, zoals een UV-werend t-shirt en een zonnehoed of pet. Zo weet je zeker dat het goed zit en jullie zonder zorgen op pad kunnen. Is het echt niet mogelijk om de zon te vermijden, dan kun je zonnebrandcrème gebruiken om je baby te beschermen. Het liefst doe je dit pas als je baby in ieder geval drie (maar liever zes) maanden oud is en gebruik je kleine hoeveelheden minerale zonnebrand. Weren, kleren én als het moet ook smeren dus. Welke zonnebrand kan ik gebruiken voor mijn baby? Zonbescherming is er in zoveel verschillende varianten. Dus hoe kies je dan de juiste zonnebrand voor je baby? Je kunt kiezen tussen mineraal en non-mineraal. En wat is eigenlijk het verschil tussen zonnebrand voor baby’s, kinderen en volwassenen? Dat leggen we je uit! Wat is het verschil tussen een mineraal en non-mineraal UV-filter? Je kunt onderscheid maken tussen non-minerale en minerale filters. Non-minerale filters trekken in je huid en absorberen de UV-straling. De huidreactie die daarbij ontstaat zorgt voor de zonbescherming. Het nadeel van sommige non-minerale filters is dat de huidreactie die ontstaat bij kids en bij volwassenen met gevoelige huid juist irritatie of uitslag kan veroorzaken. Een mineraal UV-filter kun je vergelijken met een spiegel op de huid. De zonnebrand bestaat in dit geval uit mineralen, vaak zinkoxide of titaniumdioxide. Dit legt een laagje op de huid, waardoor schadelijke UV-straling wordt weerkaatst. Geen inwerktijd en veel minder kans op uitslag dus. Daarom zijn minerale UV-filters goed geschikt voor de gevoelige huid van baby’s De baby zonbescherming van Naïf heeft een UV-filter op basis van zinkoxide. Mineraal dus. Daarnaast voegen we ook een non-minerale booster toe om ervoor te zorgen dat de zonnebrand ook écht goed beschermt. Hoe het dan zit met dit non-minerale filter? Hiervoor gebruiken we BEMT (Bis-Ethylhexyloxyphenol Methoxyphenyl Triazine). Dit UV-filter is hartstikke veilig en ook geschikt voor de gevoelige huid. En er zit maar een heel klein beetje in, juist om de zinkoxide een boost te geven. No worries dus! Gewoon goed beschermd. Hoe gebruik je minerale zonnebrand? Zinkoxide kan een witte waas achterlaten, kijk maar naar de billencrème tegen luieruitslag! Dat is de kracht van zinkoxide: het beschermt de huid door een barrière te creëren. Op de billen maakt die witte waas niet zoveel uit, maar als je je baby wil beschermen, dan toch liever niet. Daarom worden natuurlijke ingrediënten zoals kokosolie en zonnebloemolie toegevoegd aan de zonnebrand. Zo smeert ‘ie lekker uit! Ook zijn de stukjes zinkoxide in een zonnebrand iets kleiner dan in een zinkcrème en wordt ‘ie minder wit! Wat is het verschil tussen zonnebrand voor baby's, kids en volwassenen Zit er eigenlijk verschil tussen zonnebrand voor baby's en kinderen, en die voor volwassenen? Wij kunnen natuurlijk niets zeggen over andere merken, maar bij de zonbescherming van Naïf is er zeker een verschil. Niet alleen hebben we voor baby's een variant met 0% parfum, onze nieuwe zonnebrand voor kids heeft een chemisch UV-filter om te voorzien in de behoeften van kinderen. Je kunt baby en kids zonnebrand ook prima zelf gebruiken, maar gebruik je eigen zonnebrand liever niet voor je kids. Kun je Naïf zonnebrand gebruiken voor je pasgeboren baby? Onze zonbescherming is geschikt voor baby's vanaf 3 maanden oud, maar liever houd je ze gewoon helemaal uit de zon. Kan het écht niet anders? Dan kun je de zonnebrandcrème dus veilig gebruiken vanaf 3 maanden. Gebruik dan niet te veel! Wat houdt die factor of SPF precies in? De factor van een zonnebrand bepaalt hoe lang je ermee de zon in kunt zonder te verbranden. Met een SPF 30 duurt het dertig keer langer voordat je verbrandt, dan zonder zonbescherming, voor een SPF 50 is dit vijftig keer zo lang! Maar dit is natuurlijk niet helemaal fool-proof, want de één verbrandt gewoon wat sneller dan de ander en ook je huidtype heeft hier invloed op. Welke factor kies je voor een baby? Omdat de huid van een baby natuurlijk nog niks is gewend en er geen pigment is opgebouwd, kun je deze beter zo goed mogelijk beschermen. Geen enkele zonnebrand biedt 100% bescherming, kies daarom altijd voor de hoogste factor: SPF 50! En smeer elke 2 uur een nieuwe laag. Hoeveel zonnebrand moet je insmeren? Het Huidfonds adviseert 7 theelepels zonnebrandcrème per smeerbeurt: 1 theelepel gebruik je voor je gezicht, inclusief oren, nek en hals 2 theelepels gebruik je voor je borst en rug 2 theelepels gebruik je voor je schouders, armen en handen 2 theelepels gebruik je voor je benen en voeten Herhaal dit iedere 2 uur. Als je veilig wil zonnen, zoek dan ook op tijd de schaduw op (en baby’s dus altijd in de schaduw!). En blijf zeker uit de zon tussen 12:00 en 15:00, dan is ‘ie namelijk op z’n heetst. En that’s it! (Bron: AAD)
Kom meer te weten
